„Dank je wel”, zegt onze kleuter netjes als de jonge, mooie en vriendelijke Oostenrijkse serveerster ons eten komt brengen. „Hier zeggen ze danke schön”, vertellen wij. Hij oefent de woorden een paar keer. „Danke schön!”, bedankt hij haar even later.
Hij roept het opnieuw wanneer we het restaurant verlaten. „Daag! Danke schön!” Hij zwaait er enthousiast bij. De serveerster lacht en zwaait terug. „Wat vond je het leukst aan vandaag?”, vragen we na het tandenpoetsen, voorlezen en instoppen. Hij denkt even na. Dan zegt hij: „Dankeschön.”
„Dankeschön?”
„Ja”, antwoordt hij. „Gaan we morgen weer bij haar eten?”
Kan ook grote mensen overkomen, zoals de Poolse schaakmeester Kasimirz Makarczyk. Tijdens een toernooi in Duitsland zat hij in zijn hotel te dineren toen een andere heer de eetkamer binnenkwam. De man maakte een lichte buiging en zei: „Mahlzeit!“. Makarczyk, die geen Duits sprak, stond snel op en antwoordde: „Makarczyk“.
Hetzelfde ritueel herhaalde zich de volgende avond en de avond daarna. Lichtelijk geirriteerd, informeerde Makarczyk bij vrienden of het in Duitsland de gewoonte was zich bij elke ontmoeting opnieuw voor te stellen.
Eenmaal uit de droom geholpen, besloot hij de volgende dag zelf het initiatief te nemen. Toen hij de vreemdeling zag naderen, stond hij op en zei vriendelijk: „Mahlzeit!“.
De man keek hem verrast aan, en antwoordde: „Makarczyk!“.
(Ja, ik weet het: ik heb dit verhaal ook al eens op drasties verteld, en bij de buren staat het nu ook).
Ze vroegen “wat vond je het leukst”, niet wie vond je het leukst en het knaapje vond het “dankeschön” gedoe met die leuke serveerster het alleraardigste.
Hij zegt “dank je wel” en zijn ouders leggen hem uit dat ze in Oostenrijk “danke schön” zeggen. Dat jongetje moet wel een absurd rare kronkel in zijn hoofd om dan opeens te denken dat de serveerster “dankeschön” heet. Gaat er bij mij niet in.
Een kleuter die onderscheid maakt tussen wat en wie?
Wat vond je nou het leukste?
Dat hij „Dankeschön” kon zeggen. Dat was nieuw.
En vervolgens de vraag stelde.
Op zondagochtend ben ik (56) in een onbekende buitenwijk op zoek naar de locatie van een schaaktoernooi. Ik zie niets wat ik herken en voel mij verloren in mijn eigen stad. In de verte loopt een ouder echtpaar, van dichterbij herken ik mijn oppas van 45 jaar geleden. De begroeting is warm en dan zeg ik dat ik verdwaald ben.
In verslagen van externe schaakmatches was verdwalen van een clublid bijna een standaard onderdeel van het verslag. Dat is nu vrijwel verleden tijd want de meeste schakers hebben een smartphone met een routevinder. Echt verdwalen kun je dan niet meer.
De russische grootmeester Peter Svidler bekende onlangs in een interview dat hij heel slecht ergens de weg kon vinden. Zelf heb ik daar geen problemen mee. Luvienna zou dus wel eens gelijk kunnen hebben.
Zo zou het kunnen beginnen, maar als je dan even je hoofd uit de wolken trekt en constateert dat je verdwaald bent, dan hoort je richtingsgevoel je een zetje in de goede richting te geven. Als je dat hebt, natuurlijk. 🙂
Anna (9) speelt gitaar en moet voor het eerst een fis spelen. Bij het zien van het kruis vraagt ze verbaasd: „Mama, waarom staat er een hashtag voor deze noot?”
Voordat de fis wordt gespeeld, zal er toch wel uitleg gegeven zijn? Kortom, dit niet onaardige spitsvondigheidje wordt volgens de DSR iets spontaner gepresenteerd dan het heeft plaatsgevonden.
Comlimenten voor de bondigheid -menig inzender zou een halve pagina nodig hebben om e.e.a. uiteen te zetten.
Eindoordeel: 6- (zegge: zesmin)
Een man van midden dertig zit aan de behandeltafel. Hij heeft adem- en stemproblemen. Vier weken geleden is hij bij mij gekomen voor logopedische hulp. Het is een vriendelijke man, een kop groter dan ik en hij werkt in de bouw.
We bespreken hoe het afgelopen week is gegaan. Zijn getatoeëerde onderarmen rusten op de tafel, de handen tot lichte vuisten gebald en hij vertelt over de drukke werkdagen die hij achter de rug heeft. Ik let ondertussen op zijn ademhaling en stem. Het ziet er goed uit – een rustige adembeweging – en zijn stem klinkt minder hees.
Ik geef hem een compliment: „Het gaat beter met je adem.”
„Ja”, zegt hij, „ik heb vanochtend mijn tanden gepoetst.”
Wat een geborneerd misbaksel van een stukje! Daar zouden de medische en Ikjestuchtraden hun blinkend gepoetste tanden nou eens in moeten zetten.
Eindoordeel: 3 (zegge: drie)
Die hele beschrijving van de patiënt had net zo goed achterwege kunnen blijven.
Met een patiënt die ademhalingsproblemen heeft, bespreek ik hoe het de afgelopen week is gegaan. Ik let intussen op zijn ademhaling en stem. Het ziet er goed uit – een rustige adembeweging – en zijn stem klinkt minder hees.
„Het gaat beter met je adem,” zeg ik.
„Ja”, zegt hij, „ik heb vanochtend mijn tanden gepoetst.”
Bas reageerde uiterst kribbig op Luvienna’s herschrijving. Ik plak zijn reactie hier omdat manoeuvreren op zijn blog met al dat gescroll een regelrechte ramp is:
In Luviennas herschrijvingen zijn we hier niet geinteresseerd, zolang ze althans niet ondubbelzinnig afstand heeft genomen van oldtimer autoraces voor welgestelden in prachtige natuurgebieden in het buitenland. Volkomen waanzinnig en vervuilend tijdverdrijf, dat evenzogoed met de fiets of te voet plaats zou kunnen vinden. Zeg je haar dat even?
Zelf heb ik al een stapje in haar richting gemaakt door vorige week resoluut een bordje foie-gras te weigeren. In plaats daarvan koos ik voor iets vegetarisch, dat met een hoop Japanse sojasaus en verse sproten van het een of ander nog best smakelijk was ook. Ik bedoel maar. Ook zij zou eens uit haar comfort zone moeten stappen.
DSR merkte vervolgens op dat L. ’s naam nog altijd bovenaan zijn site prijkt. Maar dat kon wel eens gauw afgelopen zijn, DSR en Boer’nsmurf zijn onlangs ook al uitgegumd. Desalniettemin bestaat het lijstje reageerders bovenaan APD.com uit mensen die zich er zelden of nooit meer vertonen.
Wij gaan onze pasgeboren kleinzoon bewonderen in het St. Franciscus Gasthuis in Rotterdam. Eerst wat eten. In de eetzaal/ lunchroom zien we bijna uitsluitend witte uniformkleding. Er zijn twee plaatsen vrij. Ik vraag aan een verpleegkundige: is dit alleen voor werknemers of zijn wij hier ook welkom? Het vriendelijke antwoord: „Ja hoor, patiënten kunnen hier ook zitten.”
Mijn opgewekte en prima puberende kleinzoon van 14 jaar vertelde me dat hij tegenwoordig vaak conflicten heeft met zijn moeder. „Maar”, zo sprak hij vol vertrouwen, „dat gaat wel over als mijn moeder door de overgang heen is”.
Danke schön
„Dank je wel”, zegt onze kleuter netjes als de jonge, mooie en vriendelijke Oostenrijkse serveerster ons eten komt brengen. „Hier zeggen ze danke schön”, vertellen wij. Hij oefent de woorden een paar keer. „Danke schön!”, bedankt hij haar even later.
Hij roept het opnieuw wanneer we het restaurant verlaten. „Daag! Danke schön!” Hij zwaait er enthousiast bij. De serveerster lacht en zwaait terug. „Wat vond je het leukst aan vandaag?”, vragen we na het tandenpoetsen, voorlezen en instoppen. Hij denkt even na. Dan zegt hij: „Dankeschön.”
„Dankeschön?”
„Ja”, antwoordt hij. „Gaan we morgen weer bij haar eten?”
Ilse Geverink
LikeLike
Zo’n vergissing lijkt toch eerder bij de peuterleeftijd te horen, maar enfin.
Eindoordeel: 6 (zegge: zes)
LikeLike
Welke vergissing?
LikeLike
😆
LikeLike
Een kleuter die zegt: ‘de serveerster vond ik het leukst, gaan we morgen weer bij haar eten?’, zou toch een beetje eng zijn.
LikeLike
De vergissing van het kindje, waarop de hele point van het Ik-je s gebaseerd -zucht-
LikeLike
Die pointe betwijfel ik ten zeerste. Niets wijst erop dat het jongetje dacht dat de serveerster Dankeschön heet.
LikeLike
Of misverstand, zo u wil.
LikeLike
Kan ook grote mensen overkomen, zoals de Poolse schaakmeester Kasimirz Makarczyk. Tijdens een toernooi in Duitsland zat hij in zijn hotel te dineren toen een andere heer de eetkamer binnenkwam. De man maakte een lichte buiging en zei: „Mahlzeit!“. Makarczyk, die geen Duits sprak, stond snel op en antwoordde: „Makarczyk“.
Hetzelfde ritueel herhaalde zich de volgende avond en de avond daarna. Lichtelijk geirriteerd, informeerde Makarczyk bij vrienden of het in Duitsland de gewoonte was zich bij elke ontmoeting opnieuw voor te stellen.
Eenmaal uit de droom geholpen, besloot hij de volgende dag zelf het initiatief te nemen. Toen hij de vreemdeling zag naderen, stond hij op en zei vriendelijk: „Mahlzeit!“.
De man keek hem verrast aan, en antwoordde: „Makarczyk!“.
(Ja, ik weet het: ik heb dit verhaal ook al eens op drasties verteld, en bij de buren staat het nu ook).
LikeLike
Hahaha, geweldig! Is bekend wie die andere man was?
LikeLike
Mr. Mahlzeit. Duh!
LikeGeliked door 1 persoon
Ach ja, stom! 🙄
LikeLike
Over schaak(groot)meesters gesproken: is Heer Rozenwater deze weken in Wijk aan Zee te vinden?
LikeLike
Ik denk het niet. Via internet is het prima te volgen.
LikeLike
@HR
Het staat er toch? Wat is volgens jou dan de pointe?
LikeLike
Waar staat dat dan?
LikeLike
„Dankeschön?”
„Ja”, antwoordt hij. „Gaan we morgen weer bij haar eten?”
LikeLike
HeRoWa, ze hebben het aan het einde over Dankeschön en dan vraagt hij of ze morgen weer bij ‘haar’ gaan eten. Dan doelt hij toch op Dankeschön?
LikeLike
Wat AH zegt (korter dan ik).
LikeLike
Ze vroegen “wat vond je het leukst”, niet wie vond je het leukst en het knaapje vond het “dankeschön” gedoe met die leuke serveerster het alleraardigste.
Hij zegt “dank je wel” en zijn ouders leggen hem uit dat ze in Oostenrijk “danke schön” zeggen. Dat jongetje moet wel een absurd rare kronkel in zijn hoofd om dan opeens te denken dat de serveerster “dankeschön” heet. Gaat er bij mij niet in.
LikeLike
‘wat’ is het juiste verwijswoord bij ‘meisje’. :-p
LikeGeliked door 1 persoon
Een kleuter die onderscheid maakt tussen wat en wie?
Wat vond je nou het leukste?
Dat hij „Dankeschön” kon zeggen. Dat was nieuw.
En vervolgens de vraag stelde.
LikeLike
Ja, helemaal met je eens.
LikeLike
In dat geval zou de kleuter gezegd hebben: „Gaan we morgen weer daar eten?” Zou ik denken.
Maar ja, wie ben ik?
LikeLike
Hij is zeer verguld van die mooie jonge serveerster. Verliefd misschien wel!
LikeLike
Zou ook kunnen. En dan te weten dat ze een, even mooie, tweelingzuster heeft. Bitteschön!
LikeGeliked door 1 persoon
Buitenwijk
Op zondagochtend ben ik (56) in een onbekende buitenwijk op zoek naar de locatie van een schaaktoernooi. Ik zie niets wat ik herken en voel mij verloren in mijn eigen stad. In de verte loopt een ouder echtpaar, van dichterbij herken ik mijn oppas van 45 jaar geleden. De begroeting is warm en dan zeg ik dat ik verdwaald ben.
„Zal ik je thuis brengen?”, vraagt ze.
Paul van der Aa
LikeLike
Schattig Ikje, Paul/Roosje!
LikeLike
Een prachtig Ik-je van Heer Rozenwater, over het ouder worden. Een lach en een traan.
Eindoordeel: 8 (zegge: acht)
LikeLike
In verslagen van externe schaakmatches was verdwalen van een clublid bijna een standaard onderdeel van het verslag. Dat is nu vrijwel verleden tijd want de meeste schakers hebben een smartphone met een routevinder. Echt verdwalen kun je dan niet meer.
LikeLike
Was die uitdaging om de club te vinden onderdeel van het toernooi, HeRoWa?
Overigens interessant: zou er verband zijn tussen goed kunnen schaken en slecht de weg kunnen vinden?
LikeLike
De russische grootmeester Peter Svidler bekende onlangs in een interview dat hij heel slecht ergens de weg kon vinden. Zelf heb ik daar geen problemen mee. Luvienna zou dus wel eens gelijk kunnen hebben.
LikeLike
Zelf ben je toch ook een schaker, Ad Hok? Of herinner ik me dat verkeerd?
LikeLike
Ja, ik ben ook schaker. Maar geen Peter Svidler.
LikeLike
Nee, dat is alleen Peter Svidler, lijkt me. 😉
LikeLike
Het verband zal wel zijn dat de schaakluitjes met het hoofd in de wolken lopen. DSR herkent, als voltijds strategisch denker, het probleem.
LikeLike
Zo zou het kunnen beginnen, maar als je dan even je hoofd uit de wolken trekt en constateert dat je verdwaald bent, dan hoort je richtingsgevoel je een zetje in de goede richting te geven. Als je dat hebt, natuurlijk. 🙂
LikeLike
Noot
Anna (9) speelt gitaar en moet voor het eerst een fis spelen. Bij het zien van het kruis vraagt ze verbaasd: „Mama, waarom staat er een hashtag voor deze noot?”
Annette Kik
LikeLike
LikeLike
Voordat de fis wordt gespeeld, zal er toch wel uitleg gegeven zijn? Kortom, dit niet onaardige spitsvondigheidje wordt volgens de DSR iets spontaner gepresenteerd dan het heeft plaatsgevonden.
Comlimenten voor de bondigheid -menig inzender zou een halve pagina nodig hebben om e.e.a. uiteen te zetten.
Eindoordeel: 6- (zegge: zesmin)
LikeLike
Adem
Een man van midden dertig zit aan de behandeltafel. Hij heeft adem- en stemproblemen. Vier weken geleden is hij bij mij gekomen voor logopedische hulp. Het is een vriendelijke man, een kop groter dan ik en hij werkt in de bouw.
We bespreken hoe het afgelopen week is gegaan. Zijn getatoeëerde onderarmen rusten op de tafel, de handen tot lichte vuisten gebald en hij vertelt over de drukke werkdagen die hij achter de rug heeft. Ik let ondertussen op zijn ademhaling en stem. Het ziet er goed uit – een rustige adembeweging – en zijn stem klinkt minder hees.
Ik geef hem een compliment: „Het gaat beter met je adem.”
„Ja”, zegt hij, „ik heb vanochtend mijn tanden gepoetst.”
Saskia Eelman
LikeLike
Wat een geborneerd misbaksel van een stukje! Daar zouden de medische en Ikjestuchtraden hun blinkend gepoetste tanden nou eens in moeten zetten.
Eindoordeel: 3 (zegge: drie)
LikeGeliked door 1 persoon
NRC-lezer ontmoet eenvoudige… als eenvoudige zou ik niet graag patiënt van Saskia willen zijn.
LikeGeliked door 1 persoon
Die hele beschrijving van de patiënt had net zo goed achterwege kunnen blijven.
Met een patiënt die ademhalingsproblemen heeft, bespreek ik hoe het de afgelopen week is gegaan. Ik let intussen op zijn ademhaling en stem. Het ziet er goed uit – een rustige adembeweging – en zijn stem klinkt minder hees.
„Het gaat beter met je adem,” zeg ik.
„Ja”, zegt hij, „ik heb vanochtend mijn tanden gepoetst.”
LikeGeliked door 2 people
Inderdaad, zo moet het. Eindoordeel: 10 (zegge: tien)
LikeGeliked door 1 persoon
Bas reageerde uiterst kribbig op Luvienna’s herschrijving. Ik plak zijn reactie hier omdat manoeuvreren op zijn blog met al dat gescroll een regelrechte ramp is:
LikeLike
Tjonge, het zit hem wel hoog, hè? :-p
LikeLike
Ontzettend hoog. Nu zie ik in het weigeren van dat bordje foie-gras wel een poging tot toenadering. De typisch stick-en-carrot tactiek van Bas.
Als je het eenmaal door hebt is het overduidelijk 😎
LikeLike
‘Je ziet het pas als je het door hebt’ of zoiets, van de Grote Filosoof. :-p
LikeGeliked door 1 persoon
DSR merkte vervolgens op dat L. ’s naam nog altijd bovenaan zijn site prijkt. Maar dat kon wel eens gauw afgelopen zijn, DSR en Boer’nsmurf zijn onlangs ook al uitgegumd. Desalniettemin bestaat het lijstje reageerders bovenaan APD.com uit mensen die zich er zelden of nooit meer vertonen.
LikeLike
Lunch
Wij gaan onze pasgeboren kleinzoon bewonderen in het St. Franciscus Gasthuis in Rotterdam. Eerst wat eten. In de eetzaal/ lunchroom zien we bijna uitsluitend witte uniformkleding. Er zijn twee plaatsen vrij. Ik vraag aan een verpleegkundige: is dit alleen voor werknemers of zijn wij hier ook welkom? Het vriendelijke antwoord: „Ja hoor, patiënten kunnen hier ook zitten.”
Bas L. Quist
LikeLike
Een femelig geschreven snertverhaal – gebeurt er dan helemaal niks meer?
Eindoordeel: 2 (zegge: twee)
LikeLike
Bas L. Quist was diep geschokt dat hij voor een patiënt werd aangezien en dat moest in de krant. Eindoordeel 2 is nog veel te hoog uitgevallen.
LikeLike
Fase
Mijn opgewekte en prima puberende kleinzoon van 14 jaar vertelde me dat hij tegenwoordig vaak conflicten heeft met zijn moeder. „Maar”, zo sprak hij vol vertrouwen, „dat gaat wel over als mijn moeder door de overgang heen is”.
Janny Schuiling
LikeLike