Naar aanleiding van te sterk uitgevallen thee vraagt mijn man aan onze zoon wie in de Griekse mythologie ook al weer zo sterk werd door onderdompeling. Mijn zoon met zijn gymnasiale achtergrond aarzelt een moment, waarop ik met mijn onderwijservaring als een onvervalste juf Ank help met: „A … A…” „Welnee”, zegt mijn zoon, „dat was Asterix niet, dat was Obelix.”
Wie een Ik-je met een inhoudelijk en stylistisch gedrocht als “Mijn zoon met zijn gymnasiale achtergrond aarzelt een moment, waarop ik met mijn onderwijservaring als een onvervalste juf Ank help met:..” ‘wel aardig’ vindt, is ter hoogte van de taalkwab waarschijnlijk getroffen door een ijsschots.
Eindoordeel: 3 (zegge: drie)
We kunnen niet allemaal zo’n woordkunstenaar zijn als het rechtertje, rechtertje. De ‘gymnasiale achtergrond’ is hier nuttig om te weten; die juffrouw Ank-passage had inderdaad wel beter gekund.
Die ‘ijsschots’ zou nog wel kunnen kloppen, want ik heb tijdens de Siberische beer een ijsspegel opgevangen. Al weet ik niet of die mijn taalkwab heeft geraakt.
Als mantelzorger voor een vriendin in een rolstoel maak ik rare situaties mee. Zoals bij het Begijnhof in Amsterdam, waar bij het winkeltje staat dat er geen openbaar toilet is. Voor mijn vriendin vraag ik om een uitzondering. Een medewerker kijkt me boos aan: „U ziet toch wat er staat?” Een collega merkt op dat het in deze situatie natuurlijk wel kan, waarop de medewerker zegt: „Nou vooruit dan, maar alleen als u straks wel wat in het winkeltje koopt”
Pfff….dergelijke Ik-jes moesten ze naar hongerend Afrika sturen, want na de eerste regel heb je al gegeten en gedronken. En waarom voert de -totnutoe op de NRC-site naamloos gebleven inzender- het woord voor haar vriendin?
Eindoordeel: 3 (zegge: drie)
Regeltjes zijn regeltjes, anders wordt het een janboel en maak je dan toch een uitzondering wel de Hollandse koopmansgeest in ere houden. Zeker op een prachtige historische locatie als het Begijnhof.
Het is weer tijd om belastingaangifte te doen. We zijn er maar druk mee. De klantenservice van de Belastingdienst ook, want alle lijnen zijn bezet. Al zeker drie kwartier loopt mijn echtgenoot mopperend rond met zijn mobiel, wachtend op een helpdeskmedewerker. We besluiten te beginnen aan het avondeten, met de telefoon binnen handbereik, voor de zekerheid op luidsprekerstand. Gelukkig heeft de Belastingdienst geen irritant pauzemuziekje, dus we gaan zoals gebruikelijk samen bidden. Blijkbaar is het bij de klantenservice in de hemelse gewesten ook spitsuur, want halverwege het gebed horen we opeens: „Al onze medewerkers zijn in gesprek, een ogenblik geduld a.u.b.”
Nou, nou, nou, moet het zo grof? Dan dacht ik nog wel dat DSR compassie en verbondenheid voelt met de biddende religieuze medemens.
Dit gebed bad mijn vader altijd ná het avondmaal:
*O Heer wij danken U van harte,
voor nooddruft en voor overvloed,
Daar menig mensch eet brood der smarte,
hebt Gij ons mild en wèl gevoed.
Doch geef, dat onze ziele niet
aan dit vergank'lijk leven kleev';
Maar alles doe, wat Gij gebiedt,
en eind'lijk eeuwig bij u leev'!*
Het duurde jaren voor ik enig idee had wat verganklukleefekleeft betekende. Nooddruft klonk smerig en “brood der smarte” leek me ook niet erg smakelijk.
Voorlezen uit de bijbel mocht wel een enkel keertje maar mijn vader vertrouwde zijn kinderen onvoldoende om in het gebed voor te gaan. Ze zouden eens de slappe lach kunnen krijgen.
Jij was toen al zo’n “wies dumpe“, aan jou was het natuurlijk wel toevertrouwd.
De slappe lach tijdens het gebed? Ondenkbaar, daar was DSR veel te serieus voor, terwijl je vader al vroeg doorhad hoe zeer je met dat spotvogelige bent behept.
Toen we het later bij een eenvoudig ‘Heerezegendezespijzeamen’ hielden, was DSR het op hetzelfde moment alweer vergeten. Kon m;n moeder niet kwader krijgen dat 2 minuten later te vragen of we wel gebeden hadden.
Dat ‘heerezegendezespijzeamen’ baden we natuurlijk alleen aan het begin van de maaltijd. Na afloop klonk het ‘heerewedankenu-voor deeeze-spiiiiiijjjjzzze-amen!’ gevolgd door ‘goede bekomst’ of ‘bekommetje’, of als er een jolige oom was die de boel wat wilde traineren ‘al het ulieden allen zeer wel moge bekomen’.
Na het dankgebed was DSR natuurlijk net als ieder ander jongetje erop gebrand zijn bezigheden te vervatten. Maar natuurlijk vroeg hij eerst of hij Moeder kon helpen met afwassen, iets dat er bij de jonge HR kennelijk altijd bijinschoot.
Het zat er niet in bij het jongetje HR maar hij moest wel degelijk helpen bij het “afdrogen”. Met een kletsnatte theedoek 😦
Maar het was niet allemaal kommer en kwel. De beste herinnering bewaart HR aan de thuiskomst van school als zijn moeder spekjes aan het bakken was. Oh, die verrukkelijk geur van gebakken spekjes en dan het voorrecht alvast een paar spekjes te mogen proeven!
Terwijl ik sta te koken gaat de bel. Twee WNF-Rangers staan voor de deur, ik schat ze 8 en 6 jaar oud. Of ik wil helpen de tijgers van de ondergang te redden door eenmalig 3 euro per sms over te maken. Een sympathieke actie waar ik geen nee tegen zeg, dus we zijn snel klaar. Of nee: de kleinste van de twee jongens vraagt me of ik toevallig weet waar Jesper woont. Weet je zijn achternaam, vraag ik. Nee, dat niet. Ik kijk hem aan en mompel de naam Jesper een paar keer, waarop het jongetje besluit dat het hem te lang duurt en zegt: „Nee is ook een antwoord hoor, meneer.”
Een ‘De inzender is een toffe peer’-Ik-je. -zucht-
De man ziet zichzelf ook graag schrijven, het spek ligt erop als bij een varken in de Slachtmaand. Doelloos gekabbel.
Eindoordeel: 4 (zegge: vier)
„Mam, er wordt een jongen bij ons op school vermist”, zei mijn dochter een paar weken geleden. Een leerling uit havo 4. Het raakt me niet alleen als moeder, maar ook als lerares. Zijn school staat niet ver van de mijne. Mijn leerlingen weten er al van. Enkelen kennen hem. Een leuke jonge Rotterdammer. We praten erover in de klas.
Een week later wordt het lichaam van Orlando Boldewijn gevonden. Niemand weet wat er is gebeurd. Zijn foto staat in de krant, er komt een stilteruimte op zijn school. Wat een verdriet.
Wanneer het gaat over leven en dood vallen alle verschillen weg. Een school is een familie. In de les zeg ik: „Lieve leerlingen, wanneer jullie ooit iets gaan doen dat je aan niemand wilt vertellen, vertel het aan mij.”
De inzender zal ongetwijfeld de beste bedoelingen hebben gehad, maar toch slaat het de plank zo verschrikkelijk mis naar DSR’s gevoel. Er wordt natuurlijk vaak bij de actualiteit aangehaakt, maar dit is geen anecdote, maar een overdenking – eentje waarbij de verheven bon mot van de inzender als uitsmijter dient. En DSR kan zich niet herinneren dat hij ooit is aangesproken als ‘leerlingen….’, scholieren…’, al dan niet voorafgegaan door ‘lieve’.
Had een ingezonden brief geschreven, maar als Ik-je….nee.
Eindoordeel: 2 (zegge: twee)
Mijn zoon op de middelbare school appt: „Heb 6de en geen 8ste. Mevr. X kon naar het 3de en we hadden het 7de een tussenuur plus dat 8ste naar 3de verschoof is 6de.” Met andere woorden: hij is eerder uit.
Achilles?
Naar aanleiding van te sterk uitgevallen thee vraagt mijn man aan onze zoon wie in de Griekse mythologie ook al weer zo sterk werd door onderdompeling. Mijn zoon met zijn gymnasiale achtergrond aarzelt een moment, waarop ik met mijn onderwijservaring als een onvervalste juf Ank help met: „A … A…” „Welnee”, zegt mijn zoon, „dat was Asterix niet, dat was Obelix.”
Hennie Meijer
LikeLike
Dat is nou best een aardig Ikje.
LikeLike
Wie een Ik-je met een inhoudelijk en stylistisch gedrocht als “Mijn zoon met zijn gymnasiale achtergrond aarzelt een moment, waarop ik met mijn onderwijservaring als een onvervalste juf Ank help met:..” ‘wel aardig’ vindt, is ter hoogte van de taalkwab waarschijnlijk getroffen door een ijsschots.
Eindoordeel: 3 (zegge: drie)
LikeLike
We kunnen niet allemaal zo’n woordkunstenaar zijn als het rechtertje, rechtertje. De ‘gymnasiale achtergrond’ is hier nuttig om te weten; die juffrouw Ank-passage had inderdaad wel beter gekund.
LikeLike
Die ‘ijsschots’ zou nog wel kunnen kloppen, want ik heb tijdens de Siberische beer een ijsspegel opgevangen. Al weet ik niet of die mijn taalkwab heeft geraakt.
LikeGeliked door 1 persoon
Waar ben je precies geraakt?
LikeLike
Op mijn auto.
LikeLike
Toilet
Als mantelzorger voor een vriendin in een rolstoel maak ik rare situaties mee. Zoals bij het Begijnhof in Amsterdam, waar bij het winkeltje staat dat er geen openbaar toilet is. Voor mijn vriendin vraag ik om een uitzondering. Een medewerker kijkt me boos aan: „U ziet toch wat er staat?” Een collega merkt op dat het in deze situatie natuurlijk wel kan, waarop de medewerker zegt: „Nou vooruit dan, maar alleen als u straks wel wat in het winkeltje koopt”
LikeLike
Pfff….dergelijke Ik-jes moesten ze naar hongerend Afrika sturen, want na de eerste regel heb je al gegeten en gedronken. En waarom voert de -totnutoe op de NRC-site naamloos gebleven inzender- het woord voor haar vriendin?
Eindoordeel: 3 (zegge: drie)
LikeLike
Regeltjes zijn regeltjes, anders wordt het een janboel en maak je dan toch een uitzondering wel de Hollandse koopmansgeest in ere houden. Zeker op een prachtige historische locatie als het Begijnhof.
LikeLike
Tja, anders wordt het een kwestie van “zeiken, zeiken, niet kopen”
LikeLike
Bij de begijntjes mocht je altijd gratis in hoge nood. Waren ze toe verplicht.
LikeGeliked door 1 persoon
In de wacht
Het is weer tijd om belastingaangifte te doen. We zijn er maar druk mee. De klantenservice van de Belastingdienst ook, want alle lijnen zijn bezet. Al zeker drie kwartier loopt mijn echtgenoot mopperend rond met zijn mobiel, wachtend op een helpdeskmedewerker. We besluiten te beginnen aan het avondeten, met de telefoon binnen handbereik, voor de zekerheid op luidsprekerstand. Gelukkig heeft de Belastingdienst geen irritant pauzemuziekje, dus we gaan zoals gebruikelijk samen bidden. Blijkbaar is het bij de klantenservice in de hemelse gewesten ook spitsuur, want halverwege het gebed horen we opeens: „Al onze medewerkers zijn in gesprek, een ogenblik geduld a.u.b.”
Nienke Landman
LikeLike
Sodemieter op zeg…..
Eindoordeel: 1 (zegge: een)
LikeGeliked door 1 persoon
😂
LikeLike
Nou, nou, nou, moet het zo grof? Dan dacht ik nog wel dat DSR compassie en verbondenheid voelt met de biddende religieuze medemens.
Dit gebed bad mijn vader altijd ná het avondmaal:
Het duurde jaren voor ik enig idee had wat verganklukleefekleeft betekende. Nooddruft klonk smerig en “brood der smarte” leek me ook niet erg smakelijk.
LikeLike
Maar gaf god of een van zijn medewerkers nou nog antwoord?
LikeLike
Niet als die biddende religieuze mens het gebedsleven Verhoerreert ten bate van een Ik-je.
Dat gebed ken ik, moest ik altijd aan tafel hardop voorbinden. Mooi, kun je mee voor de dag komen.
Al die arme mensjes die eeuwenlang hebben gebeden maar tegen de overvloed te worden beschermd..ocharme.
LikeLike
Voorbinden? Voorbidden neem ik aan.
Voorlezen uit de bijbel mocht wel een enkel keertje maar mijn vader vertrouwde zijn kinderen onvoldoende om in het gebed voor te gaan. Ze zouden eens de slappe lach kunnen krijgen.
Jij was toen al zo’n “wies dumpe“, aan jou was het natuurlijk wel toevertrouwd.
LikeLike
De slappe lach tijdens het gebed? Ondenkbaar, daar was DSR veel te serieus voor, terwijl je vader al vroeg doorhad hoe zeer je met dat spotvogelige bent behept.
Toen we het later bij een eenvoudig ‘Heerezegendezespijzeamen’ hielden, was DSR het op hetzelfde moment alweer vergeten. Kon m;n moeder niet kwader krijgen dat 2 minuten later te vragen of we wel gebeden hadden.
LikeGeliked door 1 persoon
Bijzonder manneke was je toch!
Ik zat trillend als een jonge hond te wachten op het verlossende amen om dan naar buiten te rennen.
Ik wilde spelen, in bomen klimmen, achter een bal aan rennen, hutten bouwen, zwemmen!
LikeLike
Dat ‘heerezegendezespijzeamen’ baden we natuurlijk alleen aan het begin van de maaltijd. Na afloop klonk het ‘heerewedankenu-voor deeeze-spiiiiiijjjjzzze-amen!’ gevolgd door ‘goede bekomst’ of ‘bekommetje’, of als er een jolige oom was die de boel wat wilde traineren ‘al het ulieden allen zeer wel moge bekomen’.
Na het dankgebed was DSR natuurlijk net als ieder ander jongetje erop gebrand zijn bezigheden te vervatten. Maar natuurlijk vroeg hij eerst of hij Moeder kon helpen met afwassen, iets dat er bij de jonge HR kennelijk altijd bijinschoot.
LikeLike
Het zat er niet in bij het jongetje HR maar hij moest wel degelijk helpen bij het “afdrogen”. Met een kletsnatte theedoek 😦
Maar het was niet allemaal kommer en kwel. De beste herinnering bewaart HR aan de thuiskomst van school als zijn moeder spekjes aan het bakken was. Oh, die verrukkelijk geur van gebakken spekjes en dan het voorrecht alvast een paar spekjes te mogen proeven!
Sorry Luvienna!
LikeLike
Oh, wat een religieus trauma vermag te weeg te brengen.
Heeft de Almachtige, geen Apotheek, waar men terecht kan?
“Sodemeter op” , een sprekender voorbeeld van een geborneerde geest?
LikeLike
Hé, als dat RSB niet is, “doorgaans” overal herkenbaar;-) Maar wat is nou een “doorgaans huis”?
En waar zijn Anne en Henk gebleven?
LikeLike
Anne gaf afgelopen zaterdag nog deze reactie.
De laatste reactie van Henk Verhoeven was op 3 januari 2018.
LikeLike
Tijger
Terwijl ik sta te koken gaat de bel. Twee WNF-Rangers staan voor de deur, ik schat ze 8 en 6 jaar oud. Of ik wil helpen de tijgers van de ondergang te redden door eenmalig 3 euro per sms over te maken. Een sympathieke actie waar ik geen nee tegen zeg, dus we zijn snel klaar. Of nee: de kleinste van de twee jongens vraagt me of ik toevallig weet waar Jesper woont. Weet je zijn achternaam, vraag ik. Nee, dat niet. Ik kijk hem aan en mompel de naam Jesper een paar keer, waarop het jongetje besluit dat het hem te lang duurt en zegt: „Nee is ook een antwoord hoor, meneer.”
Ton van der Veeken
LikeLike
Een ‘De inzender is een toffe peer’-Ik-je. -zucht-
De man ziet zichzelf ook graag schrijven, het spek ligt erop als bij een varken in de Slachtmaand. Doelloos gekabbel.
Eindoordeel: 4 (zegge: vier)
LikeLike
Orlando
„Mam, er wordt een jongen bij ons op school vermist”, zei mijn dochter een paar weken geleden. Een leerling uit havo 4. Het raakt me niet alleen als moeder, maar ook als lerares. Zijn school staat niet ver van de mijne. Mijn leerlingen weten er al van. Enkelen kennen hem. Een leuke jonge Rotterdammer. We praten erover in de klas.
Een week later wordt het lichaam van Orlando Boldewijn gevonden. Niemand weet wat er is gebeurd. Zijn foto staat in de krant, er komt een stilteruimte op zijn school. Wat een verdriet.
Wanneer het gaat over leven en dood vallen alle verschillen weg. Een school is een familie. In de les zeg ik: „Lieve leerlingen, wanneer jullie ooit iets gaan doen dat je aan niemand wilt vertellen, vertel het aan mij.”
Karin den Heije
LikeLike
De inzender zal ongetwijfeld de beste bedoelingen hebben gehad, maar toch slaat het de plank zo verschrikkelijk mis naar DSR’s gevoel. Er wordt natuurlijk vaak bij de actualiteit aangehaakt, maar dit is geen anecdote, maar een overdenking – eentje waarbij de verheven bon mot van de inzender als uitsmijter dient. En DSR kan zich niet herinneren dat hij ooit is aangesproken als ‘leerlingen….’, scholieren…’, al dan niet voorafgegaan door ‘lieve’.
Had een ingezonden brief geschreven, maar als Ik-je….nee.
Eindoordeel: 2 (zegge: twee)
LikeGeliked door 1 persoon
Eensch.
LikeLike
Eenscher!
LikeGeliked door 1 persoon
Ik ben het nog nooit zo eens geweest.
LikeGeliked door 1 persoon
Rooster
Mijn zoon op de middelbare school appt: „Heb 6de en geen 8ste. Mevr. X kon naar het 3de en we hadden het 7de een tussenuur plus dat 8ste naar 3de verschoof is 6de.” Met andere woorden: hij is eerder uit.
Petra Lindhout
LikeLike
Dit is alweer het 58ste Ikje van 2018.
LikeLike
Ik las Rooster mijn zoon.
LikeLike
“Hij is eerder uit” – is dat Vlaams of Limburgs of Brabants? Of is het een gebruikelijke schoolterm?
LikeLike
“Hoe laat gaat de school uit?” is toch goed Nederlands?
LikeLike
Ik heb ‘Hij’ geïnterpreteerd als haar zoon; dat is in deze tekst het meest voor de hand liggend.
LikeLike
Als met “de school” de kindertjes worden bedoeld dan zou één kindje ook uit kunnen gaan. Ja toch, niet dan?
LikeLike
Hmmmmmm…. nee. 😉
LikeLike
Hoe laat gaat jouw/de school uit, hoe laat ga jij uit, allemaal gewoon Nederlands zoals wij dat gebruikten.
LikeGeliked door 1 persoon
O ja, in de tijd van mijn ouders ging de school “aan”, in mijn tijd ging de school “in”.
LikeLike
Dus je hebt de Grote Stroomstoring overleefd, HeRoWa. 🙂
LikeLike
Inderdaad 🙂 Leerzaam om te ontdekken hoe het is om zonder stroom te zitten. Een back-upsysteem (accu + omvormer) is duur. Toch al snel zo’n €1200,- 😦
LikeGeliked door 1 persoon